Pensioendatum en AOW-datum gelijkstellen?

    28 januari 2013

    Door de verhoging van de AOW-leeftijd naar 65 jaar en 1 maand per 1 januari 2013 wordt er onderscheid gemaakt tussen de leeftijd waarop recht op ouderdomspensioen ontstaat (de pensioengerechtigde leeftijd) en de datum waarop de AOW-uitkering ingaat (de AOW-gerechtigde leeftijd). Dit onderscheid zal stapsgewijs wijzigen. Door de verschillende ingangsdata van pensioenuitkeringen en AOW-uitkeringen wordt het er allemaal niet duidelijker op. Bovendien wordt bij de opbouw en uitkering van het pensioen rekening gehouden met een AOW-uitkering. Als de AOW later ingaat dan het pensioen, ontstaat er een “AOW-gat”.

    In 2015 wordt dit AOW-gat zelfs 3 maanden groot, omdat dan de AOW-leeftijd 65 jaar en 3 maanden is en de ingangsdatum van het reeds opgebouwde pensioen (tot 2014) 65 jaar is.
    Als een (ex-) werknemer de ingangsdatum van zijn AOW-uitkering en zijn pensioenuitkering op hetzelfde moment in wil laten gaan, kan de (ex-) werknemer de pensioendatum uitstellen tot de AOW-gerechtigde leeftijd. Deze mogelijkheid is wettelijk toegestaan, maar onder voorwaarden. Een van de voorwaarden is het doorwerkvereiste. Uitstel van de pensioendatum is alleen mogelijk indien en voorzover de pensioengerechtigde (ex-) werknemer na die datum blijft doorwerken in dienstbetrekking of als zelfstandige ondernemer. Het doorwerkvereiste is erop gericht te voorkómen dat een (ex-) werknemer de ingangsdatum van zijn pensioen uitstelt als hij ophoudt met werken.

    Motie Noten

    In 2012 diende Eerste Kamerlid Noten een motie in met het verzoek om het doorwerkvereiste tot de ingangsdatum van de AOW te laten vervallen. Volgens de motie leidde het niet gelijktijdig uitkeren van de AOW en het pensioen tot onduidelijke situaties voor zowel pensioenuitvoerders als burgers.
    De Motie Noten is op 10 april 2012 door de Eerste Kamer aangenomen.

    Besluit staatssecretaris van Financiën, 5 december 2012, nr. BLKB2012/1822M

    De staatssecretaris heeft onlangs uitvoering aan het verzoek van de Motie Noten gegeven door een nieuw besluit te publiceren.
    Het besluit geeft een tijdelijke goedkeuring om bij uitstel van de pensioendatum tot de AOW-leeftijd het doorwerkvereiste te laten vervallen. Het besluit geldt alleen voor (ex-)werknemers, die vóór 1 januari 1950 zijn geboren. De goedkeuring geldt ook voor werknemers die in deeltijd werken, voor zover zij niet al voldoen aan het wettelijke doorwerkvereiste. De goedkeuring is tijdelijk omdat deze vervalt per 1 april 2015. Na deze datum zijn er immers geen mensen meer die tot de groep behoren waarvoor de goedkeuring geldt.
    Met de Motie Noten werd het kabinet verzocht om het doorwerkvereiste te laten vervallen, zodat het pensioen gelijktijdig met de AOW kan ingaan. De staatssecretaris heeft geprobeerd op deze manier invulling te geven aan dit verzoek. Omdat de motie door de Eerste Kamer was aangenomen, moest de staatssecretaris er ook invulling aan geven. De bedoeling van de Motie Noten was om het allemaal eenvoudiger en duidelijker te maken voor de burger en pensioenuitvoerder zodat de AOW en het pensioen gelijktijdig konden worden uitgekeerd, zonder het doorwerkvereiste.
    Vraag is of dat gelukt is.
    VUT-ters en personen die met prepensioen zijn gegaan, worden door het Besluit in staat gesteld om hun AOW-gat te dichten zonder door te hoeven werken. Dit heeft wel tot gevolg dat er tot de AOW leeftijd geen prepensioen- geen ouderdomspensioen en geen AOW-uitkering wordt ontvangen. De AOW-uitkering gaat dan gelijk in met de pensioenuitkering, maar wat levert het de ex-werknemer op? In 2013 betekent dat een maand op eventueel aanwezige reserves interen oftewel een maand geen uitkering ontvangen. In 2014 zou dat voor 2 maanden zijn en in 2015 betekent dat zelfs 3 maanden moeten worden overbrugd.
    De (ex) werknemer kan nu nog een voorschot krijgen op zijn AOW vanaf de 65ste verjaardag. Dat gebeurt in de vorm van een renteloze lening, die binnen maximaal 1,5 jaar moet zijn terugbetaald., Maar betwijfeld kan worden of er sowieso gebruik zal worden gemaakt van het besluit.

    Anderen mogelijkheden?

    Andere mogelijkheden voor de (ex) werknemer om de ingangsdata van zijn AOW en pensioen gelijk te laten ingaan, zijn er niet. De AOW-uitkering vervroegen naar bijvoorbeeld 65 jaar is niet mogelijk. Zoals ik hiervoor al aangaf, levert die gelijkstelling van ingangsdata voor personen met een al lopende VUT- of prepensioenuitkering financieel niets op.

    Tenslotte

    Pensioenuitvoerders zullen niet zitten te wachten op uitstelverzoeken van bijvoorbeeld een maand. Behalve het actuarieel herrekenen van relatief kort uitgesteld pensioen is de administratie een tijdrovende en kostbare zaak. Pensioenuitvoerders zullen om die redenen niet snel geneigd zijn om aan dit soort uitstelverzoeken te willen meewerken. Voor deelnemers lijkt het uitstel ook niet aantrekkelijk. Het besluit biedt namelijk geen financiële bijdrage aan het gat dat ontstaat doordat de AOW-uitkering later ingaat. Dat gat moet de deelnemer op een andere manier zien op te lossen, bijvoorbeeld door extra te sparen (voor zover nog mogelijk).
    Pensioendatum en AOW-datum gelijkstellen? Liever niet als dat inhoudt dat er 1, 2 of 3 maanden geen uitkering wordt ontvangen.